Eerste Kamer ontvangt wetsvoorstel Wmo 2015 graag voor 25 april, laatste amendementen en ander nieuws

Parlementaire behandeling Wmo 2015 begint?
logo-tweede-kamer_tcm181-235653
Op 10 april is de Nota naar aanleiding van het nader verslag over de Wmo 2015 gepubliceerd (33 841 nr. 64). Voor zover de regering de vragen hiermee afdoende heeft beantwoord is het wetsvoorstel voldoende voorbereid en kan de parlementaire behandeling beginnen!

logo EKOp de website van de Eerste Kamer staat dat:

“mocht het voorstel de Eerste Kamer voor 25 april 2014 bereiken, dan stelt de commissie voor het ministerie te verzoeken om een technische briefing op 6 mei 2014, met aansluitend een procedurevergadering, om de datum voor het voorbereidend onderzoek vast te stellen. De datum van 20 mei 2014 zou daarvoor, afhankelijk van de verstrekte informatie, eventueel in aanmerking komen.”

VNG Modelverordening
logo VNGDe VNG maakte vandaag op de website bekend dat de VNG-directieraad akkoord is met de nieuwe conceptmodelverordening Wmo. Zodra de Tweede Kamer het wetsvoorstel heeft behandeld zal de VNG de verordening op gebruikelijke wijze publiceren. Volgens de VNG is de verwachting dat de Tweede Kamer de Wmo 2015 volgende week behandeld.

Meer geld voor langdurige zorg

zak-geld_100x100Tot in de late uurtjes is afgelopen maandag overleg gevoerd over meer geld voor de langdurige zorg. Maar er is een voorlopig akkoord! NRC bericht vandaag dat er 360 miljoen euro meer wordt uitgetrokken voor de overdracht van zorgtaken aan gemeenten dan in de originele plannen was opgenomen. In 2016 komt er driehonderd miljoen bij en vanaf 2017 gaat het om tweehonderd miljoen euro per jaar. Dat geld is onder meer bestemd voor de dagbesteding die vanaf 1 januari 2015 onder de verantwoordelijkheid van gemeenten gaat vallen. Verder is overeenstemming bereikt dat de huidige ZZP4 aanspraak kunnen maken op een plek in een instelling voor langdurig verblijf. Er was de afgelopen tijd veel nieuws over ouderen die langer thuis moeten blijven wonen en verzorgingstehuizen die moeten sluiten vanwege te weinig bewoners. Ook huisartsen luidden daarover de noodklok.

Facsheet
Vandaag is een overzicht gepubliceerd over de hervorming langdurige zorg. Daar zijn ook de eerder gemaakte afspraken verwerkt. Ik noem bijvoorbeeld GGZ-clienten die na drie jaar intramuraal verblijf gericht op behandeling, zorg ontvangen op grond van de Wlz. Ook de wettelijke verankering van het PGB in de Zvw staat genoemd.

overheid.nlHieronder staan nog de laatst ingediende amendementen.

Amendement 33 841 nr. 57 (t.v.v. nr. 16)
Lid Keijzer dient dit amendement in om te zorgen dat alleen gemeenten bepalen dat een bijdrage in de kosten voor voorzieningen kunnen bepalen en dat hiervoor het bijdrageplichtig inkomen van de aanvrager en zijn eventuele echtgenoot van toepassing is. Daarnaast regelt het amendement de voortzetting van de anticumulatie op het verrekenen van vorderingen op grond van de Wmo 2015 en de AWBZ (Wlz). Wijziging artikel 2.1.4 Wmo 2015.

Toelichting
Dit amendement regelt verschillende zaken. Ten eerste worden de regels die op grond van artikel 2, tweede lid, onderdeel b, bij gemeentelijke verordening voor algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen kunnen worden gesteld, gelijk getrokken. Dit gebeurt door «maatwerkvoorzieningen» steeds te vervangen door «voorzieningen», waaronder zowel maatwerkvoorzieningen als algemene voorzieningen worden begrepen. Hiermee wordt bereikt dat ook bij de vaststelling van de eigen bijdrage voor algemene voorzieningen rekening kan worden gehouden met het eigen vermogen en inkomen van de cliënt. In het wetsvoorstel is dit niet het geval en beslist de aanbieder van de algemene voorziening zelf over de hoogte van de eigen bijdrage, los van de achtergrond van de cliënt.
Ten tweede worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur (amvb) niet meer alleen regels gesteld over o.a. de hoogte en manier van invordering voor maatwerkvoorzieningen, maar ook voor algemene voorzieningen. Deze amvb wordt voorgehangen aan de Kamer.
Ten derde past het CAK een anticumulatiebepaling toe op vorderingen krachtens deze wet en de AWBZ (in de toekomst de Wlz). Deze anticumulatiebepaling ziet niet alleen op vorderingen op een individueel persoon, maar tevens op vorderingen op diens echtgenoot en minderjarige kinderen. Wanneer deze vorderingen een bij amvb vastgesteld maximum overschrijden, worden zij verminderd met het bedrag dat boven het vastgestelde maximum uitkomt. Bij amvb worden hieromtrent nadere regels gesteld. Vanwege de technische aard van deze nadere regels verdient het de voorkeur de normering van de verrekening in lagere regelgeving op te nemen.

Amendement 33 841 nr. 56 (t.v.v. nr. 53)
De leden Dik-Faber en Bergkamp dienen dit amendement in om te zorgen dat niet de suggestie kan worden gewekt dat mantelzorgers hun taken vrijwillig uitvoeren (aanpassing 2.1.2 lid 2 onderdeel b Wmo 2015 en art. 2.2.2 Wmo 2015).

Toelichting
Met dit amendement wordt geregeld dat in de artikelen van de WMO 2015 waar wordt gesproken over «mantelzorgers en andere vrijwilligers», voortaan wordt gesproken over «mantelzorgers en vrijwilligers». De indiener meent dat door de gekozen formulering de suggestie wordt gewekt dat mantelzorgers hun taken «vrijwillig» verrichten. Niet alle mantelzorgers kiezen ervoor om zorg te verlenen, zij kunnen hiertoe door omstandigheden zijn gedwongen. Door de formulering te wijzigen wordt beter recht gedaan aan de praktijk.

Amendement 33 841 nr. 55
Lid Keijzer dient dit amendement in om te zorgen dat net als onder Wmo 2007 en WVG geen bijdrage in de kosten is verschuldigd voor een rolstoel (aanpassing art. 2.1.4 Wmo 2015).

Toelichting
De indiener is van mening dat een rolstoel een elementaire basisvoorziening is, wezenlijk anders dan de overige verstrekkingen in de Wmo. De reden hiervoor is dat er bij de verstrekking van een rolstoel sprake is van praktische noodzaak. Een rolstoel kan noodzakelijk zijn indien een persoon geen andere mogelijkheid heeft om zich in huis of buiten de deur te verplaatsen Daarom is terecht in de Wet Voorzieningen Gehandicapten (WVG) geen eigen bijdrage voor een rolstoel gevraagd. Ook in de huidige Wmo die sinds 2007 van kracht is, is de rolstoel uitgezonderd van de eigen bijdrageregeling. De indiener wil deze uitzondering behouden in de nieuwe Wmo 2015.

Amendement 33 841 nr. 53 (vervalt en nr. 56 komt hiervoor in de plaats met als medeindiener lid Bergkamp). Zie eerder in dit blog.

Amendement 33 841 nr. 51 (t.v.v. nr. 22)
De leden Keijzer, Bergkamp, Voortman, Van der Staaij en Baay-Timmerman dienen dit amendement in om te zorgen dat het PGB een vergelijkbaar alternatief is voor de voorziening in natura (art. 2.3.6 lid 2 onderdeel b Wmo 2015 vervalt).

Toelichting
De indieners hechten vanwege de keuzevrijheid van de burger aan een gelijkwaardige positie van het persoonsgebonden budget naast de voorziening in natura. De conceptwet Wmo 2015 kent in artikel 2.3.6, tweede lid, onder b, een toetsgrond waardoor cliënt zich gemotiveerd op het standpunt dient te stellen dat de maatwerkvoorziening die wordt geleverd door een aanbieder, door hem niet passend wordt geacht. Dit is ter beoordeling aan de gemeente. Met het schrappen van artikel 2.3.6, tweede lid, onder b, wordt duidelijk dat een PGB een gelijkwaardig alternatief is.

Amendement 33 841 nr. 50
Lid Bergkamp dient dit amendement in om te zorgen dat in het beleidsplan Wmo 2015 aandacht komt voor de jeugdige die vanwege de leeftijd niet meer onder werking van de Jeugdwet valt (nieuw lid 4 in art. 2.1.2 Wmo 2015).

Toelichting
Met dit amendement beoogt de indiener te bewerkstelligen dat gemeenten in hun beleidsplan aandacht besteden aan de wijze waarop zij zullen zorgdragen voor de continuïteit van zorg voor jongeren die op grond van het bereiken van de leeftijd van 18 jaar (of, in bepaalde gevallen, 23 jaar) niet langer in aanmerking komen voor zorg op basis van de Jeugdwet, maar dat wel nodig hebben.

©Ingeborg Lunenburg opleiding + advies

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*