De Kamer in debat over de Wmo 2015

logo rijksoverheidDe Wmo 2015 staat volop in de belangstelling (zie ook eerder blog). En dat is nog steeds zo. Hoe zat het ook al weer? Minister Plasterk en Staatssecretaris Van Rijn stuurden op 29 januari jl. een brief met de reactie op de uitslag van de VNG-ledenraadpleging over het overlegresultaat van de decentralisatie langdurige zorg en maatschappelijke ondersteuning. Op 5 februari was er een debat in de Tweede Kamer over het standpunt van de VNG over de uitvoering van de nieuwe Wmo en de stapeling van financiële risico’s bij de decentralisaties.

Wat is de uitkomst?
logo VNG
Uit de hiervoor genoemde brief valt op te maken dat de regering de zorgen van gemeenten deelt en de invoering van de Wmo 2015 als een gezamenlijke verantwoordelijkheid beschouwd. Er wordt in de brief niet gesproken over terugdraaien van maatregelen en ook niet over extra Wmo-budget. Wel zijn de volgende toezeggingen gedaan:

  • In januari de voorlopige financiele effecten voor 2015 per gemeente te publiceren (dat is inmiddels gebeurd).
  • Op zeer korte termijn de Tweede Kamer met een brief te informeren over de samenhang van de wetten in de langdurige zorg met daarin nadrukkelijk aandacht voor de afbakening van de stelsels. Daar zie ik met belangstelling naar uit. Het huidige wetsvoorstel Wmo 2015 kent op onderdelen onvoldoende juridische basis voor een aan artikel 2 Wmo 2007 vergelijkbare bepaling. Daarover verschijnt binnenkort een blog.
  • Op zeer korte termijn worden de contouren van de wijziging van het Besluit zorgzekering aan de Tweede Kamer aangeboden. De inhoud daarvan geeft (hopelijk) antwoord op de vragen die in een eerder blog zijn opgeworpen.
  • Gemeenten ontvangen in januari een update van de beleidsinformatie over AWBZ-clienten die onder de verantwoordelijkheid van gemeenten komen te vallen (zie www.invoeringwmo.nl)

Samenwerking verplicht
De taken van de wijkverpleegkundige en de vereiste samenwerking met gemeenten en participatie in sociale wijkteams wordt wettelijk vastgelegd in het Besluit zorgaanspraken krachtens de Zorgverzekeringswet. Als de gemeente een sociaal wijkteam heeft, dan participeert de wijkverpleegkundige daarin. Expliciet onder de wettelijke taken vallen de werkzaamheden als coördineren, signaleren en coachen en individuele, geïndiceerde en zorggerelateerde preventie. In financieel opzicht wordt de beschikbaarheid van de wijkverpleegkundige (coördineren, signaleren en coachen) geborgd in de beleidsregels van NZA op basis van de Wet Marktordening Gezondheidszorg. In deze bekostiging is een deel van het budget beschikbaar voor de beschikbaarheid in de wijk en signalerende en preventieve activiteiten. Het gaat dan om ‘niet toewijsbare zorg’ zoals de mogelijkheid om achter de voordeur te komen en de deelname in het sociale wijkteam. Dit heeft volgens mij ook raakvlakken met het aansporen tot (…) wat een gemeentelijke taak is. In artikel 2.1.2 lid 4 onder b Wmo 2015 staat dat gemeenten in het plan bijzondere aandacht moeten geven aan de samenwerking met zorgverzekeraars en zorgaanbieders met het oog op een zo integraal mogelijk aanbod.

Financiën
Omdat het kabinet (ontwikkeling van) sociale wijkteams als belangrijk instrument ziet voor om het integrale werken in het sociale domein vorm te geven, is het van plan om hiervoor incidenteel 7 mln beschikbaar te stellen. Van andere extra financiën is mij niets bekend. Wel heeft Van Rijn toegezegd de invoering van de Wmo 2015 nauwlettend te monitoren. Dat kan betekenen dat het Rijk alsnog financieel bijspringt. Gemeenten lopen een groot financieel risico met name bij het AWBZ-overgangsrecht (zie artt. 7.3 en 7.4 Wmo 2015).

Volle kracht vooruit
Getracht wordt om begin februari 2014 een gezamenlijk transitieplan klaar te hebben. Verder koerst het kabinet op juli 2014 om de Wmo 2015 in het Staatsblad te publiceren. Dat is heel ambitieus, maar op zich niet onmogelijk. Voor gemeenten een must omdat de meest basale zaken op 1 november 2014 klaar moeten zijn (zie art. 7.7 Wmo 2015). Denk aan het Beleidsplan, de Verordening, het aanwijzen van toezichthouders maar ook het systeem van het onderzoek na de melding. Verder is publicatie ook noodzakelijk gelet op de noodzakelijke AMvB’s die pas kunnen worden vastgesteld nadat de Eerste Kamer het wetsvoorstel heeft aangenomen en het is gepubliceerd.

Het debat op 5 februari
overheid.nlHet tweede amendement en een aantal moties zijn ingediend. Over de moties zal de Tweede Kamer 11 februari stemmen. Voor het eerste amendement van Lid Voortman verwijs naar een eerder blog.

Amendement 33 841, nr. 12 (voorgestelde wijziging artikel 4.4.1 Wmo 2015)
Dit amendement beoogt de samenwerking tussen gemeenten en verzekeraars wettelijk in de Wmo 2015 vast te leggen. Samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraars is noodzakelijk om te komen tot een integraal beleid ten aanzien van maatschappelijke ondersteuning, eerstelijnszorg, welzijn, preventie en publieke gezondheidszorg. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de maatschappelijke ondersteuning en het bevorderen van een goede toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking en voor het bevorderen van de zelfredzaamheid en participatie van personen met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen, zodat burgers zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven. Extramurale verpleging en verzorging worden ondergebracht bij de zorgverzekeraar om een knip tussen lijfsgebonden zorg te voorkomen. Samenwerking tussen gemeenten en verzekeraars is onmisbaar voor cliënten die zowel op basis van de Wmo als de zorgverzekeringswet zorg en ondersteuning thuis nodig hebben om in de eigen leefomgeving te kunnen blijven. Om zowel gemeenten en verzekeraars aan te sporen tot samenwerking en om de samenwerking te vergemakkelijken als één van de beide partijen minder bereidwillig is tot samenwerking, wordt deze samenwerking wettelijk vastgelegd. Gemeenten nemen in een verordening op hoe de samenwerking met verzekeraars praktisch wordt vormgegeven.

Motie 33 841, nr. 11
De leden Bergkamp en Van Dijk verzoeken de regering bij de pilots voor de ontwikkeling van de sociale wijkteams expliciet aandacht te besteden aan privacyaspecten. De reden van de motie is dat gemeenten vooruitlopend op de decentralisatie van taken volop experimenteren met de inrichting van de sociale wijkteams en er nog veel onduidelijkheden bestaan over de juridische implicaties en regels bij de wijkteams. Onder andere over de uitwisseling van persoonlijke en medische gegevens.

Motie 33 841 nr. 10
De leden Bergkamp en Van der Staaij verzoeken de regering in overleg te treden met de zorgverzekeraars zodat geen gesprekken met individuele gemeenten worden geweigerd. Voor een verantwoorde overgang van taken is het belangrijk dat gemeenten en zorgverzekeraars met elkaar in overleg treden, mede gelet op het belang van de continuïteit van zorg.

Motie 33 841, nr. 9
De leden Bergkamp en Van ‘t Wout verzoeken de regering – mede gelet op de college-onderhandelingen na de gemeenteraadsverkiezingen – om zo spoedig mogelijk weten wat de financiële kaders zijn voor de komende collegeperiode. De leden vinden dat de meicirculaire in dat licht erg laat is.

Motie 33 841, nr. 8
Lid Voortman verzoekt de regering om de huidige plannen en de verschillende varianten daarop door te laten rekenen door een onafhankelijke derde, zoals het CPB, op in ieder geval de gevolgen voor de lasten voor burgers en werkgevers, op de gevolgen voor de werkgelegenheid en de positie van werkgevers. Lid Voortman meent dat onduidelijk is wat de gevolgen zijn van de voorgenomen wijzigingen in de langdurige zorg voor premies, het eigen risico en werkgeverslasten. En is van mening dat de lasten voor mensen en werkgevers niet mogen stijgen.

Motie 33 841, nr. 7
Lid Keijzer constateert dat:

  • de decentralisatie van zorg en begeleiding grote consequenties gaat hebben voor kwetsbare burgers en hun families
  • een groot aantal randvoorwaarden voor de invoering van de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 niet helder zijn

en is van mening dat de regering hier helderheid over moet geven, wil er een zorgvuldige afweging gemaakt kunnen worden of de nieuwe Wmo per 1 januari 2015 ingevoerd kan worden. Lid keizer verzoekt de regering voor 15 maart 2014 de Tweede Kamer helderheid te verschaffen over onderstaande randvoorwaarden die nodig zijn voor een zorgvuldig wetstraject en voldoende voorbereidingstijd voor gemeenten, zodat er een besluit genomen kan worden om de nieuwe Wmo wel of niet in te laten gaan op 1 januari 2015:

  • helderheid over de financiële middelen per gemeente
  • de tijd die nodig is om kwalitatief goede zorg en begeleiding in te kopen
  • de tijd die nodig is om, conform de nieuwe Wmo 2015, het beleidsplan en de bijbehorende verordeningen op te stellen
  • de tijd die nodig is om afspraken te maken tussen zorgverzekeraars en gemeenten
  • inzage in samenhang van de verschillende wetten met wetteksten erbij (uitwerking van de op 21 januari 2014 aangenomen motie-Keijzer
  • de tijd die nodig is voor gegevensoverdracht over cliënten naar gemeenten door zorgkantoren die voldoen aan wettelijke privacy- en beveiligingsvoorwaarden
  • de tijd die nodig is om cliëntenondersteuning vorm te geven
  • regie vanuit het ministerie van BZK en het ministerie van VWS op de samenhang tussen de verschillende decentralisaties
  • inzicht in transitie en uitvoeringskosten op gemeentelijk niveau
  • een duidelijk voorlichtingstraject richting burgers over de veranderingen in het sociale domein

Verworpen motie
Met het verwerpen van de motie waarin lid Leijten voorstelt om het wetsvoorstel Wmo 2015 in te trekken, zijn we wel weer een stapje dichterbij. Toch?

©Ingeborg Lunenburg opleiding + advies

4 gedachten over “De Kamer in debat over de Wmo 2015

  1. Pingback: Tweede Kamer stemt over moties | Uitvoering Wmo 2015

  2. Pingback: Studiedag De Verordening geordend gepland in maart | Uitvoering Wmo 2015

  3. Pingback: Hoorzitting over Wmo 2015 | Uitvoering Wmo 2015

  4. Pingback: Derde amendement Wmo 2015 ingediend: bestuurlijke afspraken cliëntondersteuning | Uitvoering Wmo 2015

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*